- GMO-subsidie mogelijk voor erkende telersverenigingen
- De nieuwe GMO subsidie-richtlijn
- Kernachtig over verschillen verordening 1433 vs 1580
- Bedrijfsovername: wordt het champagne of een claim?
- Nationaal (en Europees) kwekersrecht
- Telersverenigingen en de EG-verordening nr. 1580/2007
GMO-subsidie mogelijk voor erkende telersverenigingen
Als een telersvereniging erkend is door het Productschap Tuinbouw, kan de vereniging voor een GMO-subsidie in aanmerking komen. Deze wordt verstrekt door de Europese Unie. GMO staat voor “Gemeenschappelijke Marktordening groenten en fruit”. De uitvoerende organisatie in Nederland is het Productschap Tuinbouw. Zij beoordeelt de aanvragen, verstrekt de gelden en controleert de projecten waarvoor ze subsidie heeft toegekend.
GMO kent een aantal doelstellingen op het gebied van afzet, kwaliteit en milieu. Daaraan dient het zogenaamde Operationeel Programma van de telersvereniging te voldoen. Het Operationeel Programma, een schriftelijke rapportage met concreet geplande projecten (activiteiten en resultaten) en daarbij een financiële onderbouwing door middel van een gespecificeerde begroting, vormt de basis voor de aanvraag van een GMO-subsidie.
Een GMO-subsidie kan per jaar slechts maximaal 4,1 % zijn van de waarde verkochte productie (= jaaromzet) van de betreffende telersvereniging. Slechts 50% van de gemaakte projectkosten (eventueel 60% bij grensoverschrijdende projecten) kan voor een GMO-subsidie in aanmerking komen. Individuele teeltbedrijven kunnen slechts via een telersvereniging profijt hebben van een GMO-subsidie.
Waar moet in de basis aan voldaan zijn wil het Productschap Tuinbouw een telersvereniging erkennen:
- Minimum van tien telers per telersvereniging;
- Minimum volume van de waarde verkochte productie van € 25.000.000;
- Er dient minstens één jaar – en overigens ook gedurende de erkenning - aan de volgende voorwaarden te zijn voldaan:
- betalingen en verkoop dienen minimaal één jaar via de telersvereniging te zijn gegaan.
- de telersvereniging dient daadwerkelijk een milieu-, markt- en kwaliteitsbeleid uit te voeren.
- de telersvereniging dient een rechtspersoonlijkheid te hebben, wat blijkt uit de statuten en het uittreksel van de KvK.
- regelgeving van de telersvereniging dient vastgelegd te zijn in de statuten.
- de telersvereniging dient in staat te zijn van het voeren van een goede financiële en project administratie.
Let op: bovenstaande voorwaarden voor erkenning van een telersvereniging zijn niet-limitatief.
Mr. L. Boellaard
Notaris bij Westland Partners
De nieuwe GMO subsidie-richtlijn
Inhoudelijke verschillen Verordening (EG) nr. 1433/2003 versus Verordening (EG) nr. 1580/2007
De GMO-regeling ondersteunt telersverenigingen bij hun programma's op het gebied van investeringskosten, beheerskosten en administratiekosten. De GMO-subsidie wordt verstrekt door de Europese Unie. Het Productschap Tuinbouw voert in opdracht van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit regelingen uit van de EU.
Op 31 december 2007 is Verordening (EG) nr. 1580/2007 gepubliceerd. Deze Verordening vervangt onder andere Verordening (EG) nr. 1433/2003 en bevat uitvoeringsbepalingen met betrekking tot de operationele programma’s, als bedoeld in Verordening (EG) nr. 1182/2007. Hieronder vindt u in een aantal pagina's informatie over inhoudelijke verschillen tussen de oude en de nieuwe regeling.
1. Gebruik investeringen
Tot en met het operationeel plan 2007 is door het Productschap Tuinbouw beleid geformuleerd voor het gebruik van investeringen. Investeringen moesten voor minimaal 50% worden ingezet ten behoeve van product waarvoor de telersvereniging is erkend en afkomstig is van de leden of van andere erkende telersverenigingen. In het geval van een gebruik van de investering voor deze producten tussen de 50% en 90% van het totaal, kon deze investering naar rato van het gebruik worden opgevoerd. De correctie vond plaats op grond van het gewogen gemiddelde over de gehele looptijd van het operationeel programma. Onder Verordening (EG) nr. 1580/2007 is een correctie voor het gebruik niet meer nodig. Indien het gebruik in een vastgestelde piekperiode boven de 50% ligt, kan de gehele investering (zonder correcties) worden opgevoerd. Voor lopende operationele programma’s geldt de volgende overgangsbepaling: Het uiteindelijk op te voeren gedeelte van de investering is een gewogen gemiddelde van de werkelijke percentages over de verstreken jaren en 100% over de jaren 2008 en verder.
Een nieuwe investering is niet subsidiabel, indien gedurende de piekperiode de voorgaande investering(en) niet volledig wordt/worden benut. Dit houdt in dat in het geval van bijvoorbeeld twee machines, deze twee een gezamenlijk gebruikspercentage dienen te realiseren van 150%. Bij 8 machines is dit percentage 750%. Op centrale locaties van de telersvereniging dient dit gebruik tijdens de piekperiode aan de hand van een administratie op investeringsniveau te worden aangetoond. Op locaties van aangesloten telers bestaat deze verplichting vooralsnog niet.
2. Leges en andere van overheidswege opgelegde heffingen
Leges en andere heffingen die rechtstreeks betrekking hebben op (nieuw)bouwprojecten of andere investeringen waren subsidiabel. Onder Verordening (EG) nr. 1580/2007 is deze mogelijkheid komen te vervallen.
3. Bankgaranties
Uitgaven gedaan voor bankgaranties die nodig waren voor voorschotten in het kader van de GMO waren subsidiabel. Ook deze subsidiabiliteit is komen te vervallen.
4. Bestaand onroerend goed
Onder Verordening (EG) nr. 1580/2007 is het niet meer mogelijk om investeringen of soortgelijke type acties in andere bedrijven te doen, dan die van de telersvereniging, een groepering van telersverenigingen, dochterondernemingen daarvan of bij de aangesloten telers. Dit houdt in dat investeringen in bedrijven van derden niet meer subsidiabel zijn, ongeacht het gebruik van deze investeringen. Bedrijven die volledig in eigendom zijn van rechtspersonen die bestaan uit aangesloten telers, de telersvereniging, een groepering van telersverenigingen of dochterondernemingen van de genoemde rechtspersonen worden niet als bedrijven van derden gezien. Voorgaande is ook van toepassing als deze bedrijven worden gehuurd. Vanzelfsprekend gelden hierbij wel de voorschriften omtrent het gebruik van de investeringen, het eigendom en de vervreemding, zoals opgenomen in de Handleiding bij het aanvraagformulier 2008. Acties buiten de Europese Unie (punt 23 bijlage VIII, Verordening (EG) nr. 1580/2007) Telersverenigingen kunnen onder Verordening (EG) nr. 1580/2007 geen maatregelen meer uitbesteden buiten de Europese Unie. Dit houdt in dat uitgaven gerealiseerd bij externe partijen buiten de Europese Unie niet meer subsidiabel zijn. Dit betekent bijvoorbeeld dat de (eigen) personeelskosten van een studiereis buiten de Europese Unie nog in aanmerking kunnen worden genomen, maar de aldaar gedane uitgaven voor bijvoorbeeld logies en transport niet meer voor financiering in aanmerking komen.
5. Tweedehands materieel
Het blijft toegestaan tweedehands materieel aan te schaffen, mits er in de zeven voorafgaande jaren voor deze investering geen communautaire of nationale steun is ontvangen. Er hoeft echter niet meer te worden aangetoond dat dit economisch voordeliger is en ook niet dat het aan de geldende technische normen en standaarden voldoet. De aanvullende eisen blijven bestaan. Dit betreft het verbod om een tweedehands goed bij een aangesloten teler aan te schaffen en dit goed vervolgens bij deze of een andere aangesloten teler te laten staan/te plaatsen en het verbod op de aanschaf van tweedehands materieel met een aanschafbedrag lager dan EUR 10.000.
6. Gekoeld- of geconditioneerd transport
Onder de oude regeling was het mogelijk om in het geval van geconditioneerd- of gekoeld
transport, zowel het trekkende voertuig als de geconditioneerde oplegger in het operationele plan
op te nemen. Onder Verordening (EG) nr. 1580/2007 zijn alleen nog de extra truckvoorzieningen
voor koel- of geconditioneerd transport subsidiabel.
7. Melding Europese financiering bij reclame
Voorheen was het alleen bij generieke promotie verplicht om in het geval van visuele media het
Europese logo te vermelden. Onder Verordening (EG) nr. 1580/2007 is deze verplichting uitgebreid
naar alle promotieactiviteiten, dus ook bij promotie van merken van telersverenigingen. Het begrip
visuele media wordt hierbij ruim geïnterpreteerd. Behalve posters, folders, tv-reclames, etc., vallen
ook stands op beurzen, open dagen, openingen, bedrukking van opleggers, etc. onder deze
verplichting. Naast het plaatsen van het logo van de Europese Gemeenschap, dient ook de volgende zin te worden vermeld: “Door de Europese Gemeenschap medegefinancierde campagne”.
8. Investeringen in bedrijven van derden
Onder Verordening (EG) nr. 1580/2007 is het niet meer mogelijk om investeringen of soortgelijke
type acties in andere bedrijven te doen, dan die van de telersvereniging, een groepering van
telersverenigingen, dochterondernemingen daarvan of bij de aangesloten telers. Dit houdt in dat
investeringen in bedrijven van derden niet meer subsidiabel zijn, ongeacht het gebruik van deze
investeringen. Bedrijven die volledig in eigendom zijn van rechtspersonen die bestaan uit
aangesloten telers, de telersvereniging, een groepering van telersverenigingen of
dochterondernemingen van de genoemde rechtspersonen worden niet als bedrijven van derden
gezien. Voorgaande is ook van toepassing als deze bedrijven worden gehuurd. Vanzelfsprekend
gelden hierbij wel de voorschriften omtrent het gebruik van de investeringen, het eigendom en de
vervreemding, zoals opgenomen in de Handleiding bij het aanvraagformulier 2008.
9. Investeringen voor de verwerking van verse producten
Investeringen voor de verwerking van verse producten zijn niet meer uitgesloten van EU-financiering. Mits deze voldoen aan één van de doelstellingen uit artikel 9, lid 1 van Verordening
(EG) nr. 1182/2007 komen deze voor subsidie in aanmerking. Onder verwerkte producten worden
(mengsels van) groenten en fruit verstaan, al dan niet toebereid, welke door middel van een
warmtebehandeling en/of diepvriezen langer houdbaar zijn gemaakt; alsmede in het geval van
zuurkool: gesneden witte kool welke na vermenging met zout of een verzadigde oplossing van zout
een spontane melkzuurvergisting heeft ondergaan. Bewerken (bijvoorbeeld snijden) wordt niet als
verwerken beschouwd, maar blijft ook onder Verordening (EG) nr. 1580/2007 subsidiabel.
10. Acties buiten de Europese Unie
Telersverenigingen kunnen onder Verordening (EG) nr. 1580/2007 geen maatregelen meer
uitbesteden buiten de Europese Unie. Dit houdt in dat uitgaven gerealiseerd bij externe partijen
buiten de Europese Unie niet meer subsidiabel zijn. Dit betekent bijvoorbeeld dat de (eigen)
personeelskosten van een studiereis buiten de Europese Unie nog in aanmerking kunnen worden
genomen, maar de aldaar gedane uitgaven voor bijvoorbeeld logies en transport niet meer voor
financiering in aanmerking komen.
Bovenstaande opsomming van verschillen tussen de genoemde verordeningen is niet uitputtend.
mr. drs. F.B. Remmerswaal
Notaris bij Westland Partners
Inhoudelijke verschillen Verordening (EG) nr. 1433/2003 versus Verordening (EG) nr. 1580/2007
In de tuinbouw wordt veel gebruik gemaakt van de GMO-subsidie. Deze subsidie wordt verstrekt door de Europese Unie. Op 31 december 2007 is Verordening (EG) nr. 1580/2007 gepubliceerd. Deze Verordening vervangt onder andere Verordening (EG) nr. 1433/2003 en bevat uitvoeringsbepalingen met betrekking tot de operationele programma’s, als bedoeld in Verordening (EG) nr. 1182/2007.
Hieronder vindt u een greep uit de verschillen tussen de oude en de nieuwe regelgeving. Samenvattend: vanaf het moment dat Verordening (EG) nr. 1580/2007 – inhoudelijk - op uw aanvraag van toepassing is, komt een aantal uitgaven als gevolg van de nieuwe regelgeving niet meer voor subsidie in aanmerking! Een verandering in uw voordeel kan zijn dat er op een aantal gebieden wat versoepelingen zijn aangebracht in de voorschriften (bij investeringen waarvoor GMO-subsidie mogelijk blijft). En, voortaan kunnen investeringen voor de verwerking van verse producten voor subsidie in aanmerking komen.
Voorbeelden van uitgaven die niet langer subsidiabel zijn:
- leges en andere heffingen die rechtstreeks betrekking hebben op (nieuw)bouwprojecten of andere investeringen;
- uitgaven gedaan voor bankgaranties die nodig waren voor voorschotten in het kader van de GMO;
- uitgaven van telersverenigingen bij externe partijen buiten de Europese Unie.
- in het geval van geconditioneerd- of gekoeld transport: onder Verordening (EG) nr. 1580/2007 zijn alleen nog de extra truckvoorzieningen voor koel- of geconditioneerd transport subsidiabel;
- het is niet meer mogelijk om investeringen in andere bedrijven te doen, dan die van de telersvereniging, een groepering van telersverenigingen, dochterondernemingen daarvan of bij de aangesloten telers. Dit houdt in dat investeringen in bedrijven van derden niet meer subsidiabel zijn, ongeacht het gebruik van deze investeringen. Bedrijven die volledig in eigendom zijn van rechtspersonen die bestaan uit aangesloten telers, de telersvereniging, een groepering van telersverenigingen of dochterondernemingen van de genoemde rechtspersonen worden niet als bedrijven van derden gezien. Voorgaande is ook van toepassing als deze bedrijven worden gehuurd.
mr. drs. F.B. Remmerswaal
Notaris bij Westland Partners
Bedrijfsovername: wordt het champagne of een claim?
Dat het verstandig is om niet over één nacht ijs te gaan bij een bedrijfsovername, zal niemand betwisten. Wellicht overweegt u een bedrijf als geheel te kopen (u koopt de aandelen) of past het u beter om bepaalde bedrijfsonderdelen over te nemen (de zogenaamde activa-passivatransacties).
Voor beide situaties geldt dat u als koper alles moet (laten) controleren.
Is er sprake van bodemvervuiling? Hoe zit het met garanties en verplichtingen die het bedrijf nog moet nakomen? Zijn er (belasting)schulden of is er misschien een achterstand in de uitbetaling van de salarissen? Weet u hoe het zit met kwekersrecht of met merkenrecht? Blijft de leverancier aan u leveren? Als u ook het personeelsbestand (automatisch) overneemt: weet u hoe hun arbeidsvoorwaarden luiden en wat aan hen is toegezegd? In welke mate is de continuiteit van het bedrijf te verzekeren? Spreekt u een concurrentiebeding af met de verkoper en wanneer is zo'n beding juridisch waterdicht?
Het antwoord op deze en dergelijke vragen zou u steeds duidelijk moeten zijn voordat u een bedrijf overneemt. Ook als het een familiebedrijf betreft of een onderneming waar u bijvoorbeeld als bedrijfsleider al jaren heeft gewerkt. Hoe graag u de stap naar een eigen bedrijf waarschijnlijk ook zet, zorg voor deskundige partners die u in het overnametraject kunnen adviseren. Denk niet te snel dat de transactie dermate klein is dat u geen juridisch advies nodig heeft. Zorgvuldig handelen en met overzicht voorkomt conflicten en claims.
Mr. P. Quist
Advocaat bij Westland Partners
1. Nationaal kwekersrecht
Het kwekersrecht kan worden verleend voor alle tot het plantenrijk behorende gewassen en voor paddestoelen. Het recht dient een maatschappelijk belang. Met het kwekersrecht heeft de kweker van een nieuw ras zeggenschap over het gebruik van dat ras. Deze bescherming vergroot natuurlijk de bereidheid te investeren. En door te investeren in veredeling komen nieuwe rassen beschikbaar. De houder van een kwekersrecht moet er zelf voor zorgen dat anderen geen misbruik maken van zijn rechten!
De houder van een kwekersrecht heeft de volgende exclusieve rechten:
- het voortbrengen van het ras;
- het vermeerderen van het ras;
- het ten behoeve van de vermeerdering behandelen van het ras;
- het in de handel brengen van het ras;
- het in- en uitvoeren van het ras;
- het voor één van deze doeleinden in voorraad hebben van het ras
- het laten verrichten van één van de hierbovenstaande handelingen.
Deze rechten gelden tevens op van het oorspronkelijk beschermde ras wezenlijk afgeleide rassen. Daarnaast is de houder van een kwekersrecht gerechtigd om zijn recht op het geoogst materiaal, of op producten die rechtstreeks zijn vervaardigd met gebruikmaking van geoogst materiaal, uit te oefenen indien hij geen mogelijkheid heeft gehad om zijn recht in eerdere instantie op het teeltmateriaal uit te oefenen. Door licenties te verstrekken kan de houder van een kwekersrecht aan derden het recht geven om bovengenoemde handelingen met teeltmateriaal van beschermde rassen te verrichten.
Om te kunnen kwalificeren voor kwekersrechtelijke bescherming dient een ras aan een aantal criteria te voldoen (zoals onderscheidbaarheid, uniformiteit en bestendigheid) en moet bij het verzoek een naamsvoorstel voor het ras worden gevoegd. Een aanvraag voor het nationale kwekersrecht dient te worden gericht aan de Raad voor Plantenrassen in Ede (onderdeel uitmakend van het ministerie van LNV). De aanvraag wordt in behandeling genomen nadat het ondertekende aanvraagformulier en bijhorende bescheiden (Technical Questionnaire en in voorkomende gevallen de voorgeschreven foto) volledig zijn ingevuld en de van toepassing zijnde tarieven zijn voldaan:
2. Europees kwekersrecht
Sinds 1994 is de Communautaire kwekersrechtverordening van kracht. Daarmee kunnen inwoners van de lidstaten van de Europese Unie met één aanvraag kwekersrecht verkrijgen op een ras voor het gehele Europese grondgebied. Dit communautaire kwekersrecht is supra-nationaal geregeld. Dat betekent dat het Europese systeem onafhankelijk van de nationale systemen functioneert. Een aanvraag voor het Europese kwekersrecht wordt ingediend bij het Communautair Bureau voor Plantenrassen in het Franse Angers.
Mr. R. van Keulen
Advocaat bij Westland Partners
Telersverenigingen en de EG-verordening nr. 1580/2007
Als een telersvereniging erkend is door het Productschap Tuinbouw kan de telersvereniging door middel van een zogenaamd operationeel programma voor een GMO-subsidie in aanmerking komen. GMO staat voor Gemeenschappelijke Markt Ordening en de subsidie is in 1996 geintroduceerd door de Europese Unie. De Europese Commissie past de regelgeving voor GMO regelmatig aan, zowel wat betreft de voorwaarden van erkenning van telersverenigingen als de procedurele en inhoudelijke voorwaarden van GMO.
De meest recente verordening is (EG) nr. 1580/2007, gepubliceerd op 31 december 2007. Deze verordening vervangt onder andere Verordening (EG) nr. 1433/2003 en bevat onder meer uitvoeringsbepalingen met betrekking tot de operationele programma’s, als bedoeld in Verordening (EG) nr. 1182/2007.
Naar aanleiding van de publicatie van de Verordeningen (EG) nrs. 1182/2007 en 1580/2007 zijn er
door verschillende lidstaten vragen gesteld aan de Europese Commissie. De eerste tranche van deze vragen is inmiddels door de Commissie beantwoord. De antwoorden geven inzicht in de verschillende data van inwerkingtreding van de nieuwe regelgeving.
De basisregel is dat in 2007 ingediende programma’s, ook in 2008 inhoudelijk
onder Verordening (EG) nr. 1433/2003 blijven vallen. Dit verandert op het moment dat een
telersvereniging een verzoek tot tussentijdse wijziging met goedkeuring vooraf indient/heeft
ingediend. In dit geval zijn vanaf de datum van goedkeuring van dit wijzigingsverzoek door het Productschap Tuinbouw de bepalingen van Verordening (EG) nr. 1580/2007 van toepassing. Dit kan inhouden dat een aantal uitgaven vanaf die datum niet meer voor communautaire financiering in aanmerking komt!
Daarnaast is het alleen mogelijk om voor een 60% EU-bijdrage, als bedoeld in artikel 10, lid 3 van Verordening (EG) nr. 1182/2007, in aanmerking te komen, indien een wijzigingsverzoek is ingediend tot aanpassing of vervanging van het operationeel programma . Indien u andere redenen heeft tot inhoudelijke aanpassingen, kunt u op grond van artikel 152, lid 2 van Verordening (EG) nr. 1580/2007 een wijzigingsverzoek indienen.
Ongeacht of het operationeel programma van een telersvereniging inhoudelijk onder de oude of de nieuwe regeling valt, valt iedere telersvereniging vanaf 1 januari 2008 procedureel onder de nieuwe verordening. Dit houdt in dat voor wat betreft voorschotten, gedeeltelijke betalingen, controles, sancties etc. Verordening (EG) nr. 1580/2007 van toepassing is.
mr. drs. F.B. Remmerswaal
Notaris bij Westland Partners